Stânfries, geschiedenis van de beurtvaart
De voormalige beurtvaarder Stânfries X vormt de zicht- en tastbare erfenis van de rijke Friese en Nederlandse beurtvaartgeschiedenis. Het verhaal van de handel tussen steden, dorpen, regio’s, van schaalvergroting, fusies en innovatie.
Oorsprong begin 19e eeuw
Reederij Stânfries was een Leeuwarder beurtvaartrederij, opgericht in 1912 en gevestigd op het adres Willemskade 6. Haar oorspronkelijke wortels dateren echter al van ver voor die tijd, in de 19e eeuw. Daarvoor moeten we terug naar Rotterdam, waar handelshuis Saint-Martin handelde in onder meer vlas en lijnzaad uit Friesland. Tot ongeveer 1850 vond de aanvoer vanuit Friesland plaats met lokale, zeilende beurtschepen zoals tjalken. Om kosten te besparen en zich te verzekeren van snelle en regelmatiger aanvoer schafte Saint-Martin in 1855 twee stoomvrachtschepen aan, de Leeuwarden I en Leeuwarden II. In 1868 werd de vervoersvergunning van een concurrent overgenomen. De route van de schepen voer van Leeuwarden via Sneek naar Lemmer of Stavoren, dan naar Amsterdam en van daar naar Gouda en Rotterdam. In 1888 werd de vloot uitgebreid met de Leeuwarden III en Leeuwarden IV, gevolgd door de schepen Harlingen, Heerenveen, Franeker, Drachten en Bolsward.
Concurrentie van de auto
Voor de beurtvaart tussen Leeuwarden en Amsterdam werd in 1876 de Friesch-Noord-Hollandsche Stoomboot Maatschappij opgericht. De dienst werd onderhouden met de Friesland I, II, III en IV. Directe concurrenten waren jarenlang acht zeilende beurtschepen. Hoewel die de concurrentie goed aankonden, richtten hun eigenaren in 1898 de Leeuwarder Stoomboot Maatschappij op. Deze liet de stalen stoomvrachtschepen Stânfries I en Stânfries II bouwen, bestemd voor vracht en vee en en eventueel enkele passagiers. In 1911 fuseerden beide maatschappijen tot de Nieuwe Leeuwarder Stoomboot Maatschappij. Alle schepen werden ingebracht en soms omgedoopt, nieuwe schepen werden in de vaart genomen. In dat jaar werd de Franeker Stoomboot Maatschappij overgenomen. In 1912 fuseerden de Nieuwe Leeuwarder en Saint-Martin tot de Scheepvaartmaatschappij Holland-Friesland. Voor deze rederij voeren in totaal 25 schepen, waaronder de nieuwgebouwde Stanfries X. De dreigende naamsverwarring met twee concurrerende rederijen (Holland-Friesland-Groningen-Lijn en de Holland-Friesland-Lijn) noopt tot naamswijziging. In 1933 werd de rederij omgedoopt in N.V. Reederij Stânfries. Ze bezat op dat moment 19 stoomboten, 7 motorboten en 7 lichters (duwbakken). In 1935 startte het bedrijf ook met vervoer over de weg.
In die tijd nam de grootste beurtvaartrederij van Nederland, J. & A. van der Schuyt, via een omweg een steeds groter belang in Reederij Stânfries. Door de toenemende concurrentie over water groeide gaandeweg het aandeel van het autotransport. Vlak voor WOII behoorde Stânfries tot de grootste wegvervoerders in Nederland.
De oorlog: gevorderde schepen
Toen de oorlog begon gingen bij het bombardement van Rotterdam de hoofdkantoren van Van der Schuyt en Saint-Martin, en daarmee ook een belangrijk deel van het materieel en de administratie, verloren. In de oorlog gingen de zaken al snel bergafwaarts. Schepen en auto’s werden gevorderd, gingen naar Duitsland of verloren, tijdens gevechtshandelingen. Er ontstond een tekort aan brandstoffen en onderdelen. Alleen het vervoer over water van levensmiddelen vanuit het noorden en oosten naar West-Nederland bleef gecontinueerd. Al met al moest de rederij 11 schepen en een groot aantal bemanningsleden missen.
Herinneringen en een markant schip
In 1948 fuseerde eigenaar Van der Schuyt met de Rotterdamse rederij Gebr. van der Boom en daarin werd ook de Reederij Stânfries betrokken. De naam van de nieuwe onderneming werd Van der Schuyt Van der Boom Stânfries NV, afgekort tot S.B.S. NV. De overgebleven schepen hebben in gemoderniseerde vorm (verlengd en met een dieselmotor in plaats van een stoommachine) tot eind jaren vijftig, begin jaren zestig, dienst gedaan. Daarna verdwenen zij stil en anoniem onder de slopershamer. De autodiensten werden nadien opgeslokt in nieuwe fusie-ondernemingen.
Van de voormalige rederij resten in Leeuwarden niets meer dan tal van goede herinneringen, verhalen van families van oud-bemanningsleden en beeldmateriaal. Sommige handige bemanningsleden bouwden in hun vrijetijd schaalmodellen van de schepen die hun na aan het hart lagen. En als markante nalatenschap een gerestaureerde Stânfries X aan de Wirdumerpoortsdwinger. Om het behoud van het schip te borgen heeft de Stichting Museumhaven Leeuwarden een steunstichting opgezet: Vrienden van Stânfries X. Heeft u ook een verhaal, foto’s van de voormalige Reederij Stânfries, haar schepen en bemanningsleden? Laat het ons weten. We zijn er dol op.
